Inloggen

Archief

Advies commissie Borstlap voor een toekomstbestendige arbeidsmarkt

De Commissie Regulering van Werk, de commissie Borstlap, heeft op donderdag 23 januari 2020 haar eindrapport ‘In wat voor land willen wij werken?’ gepresenteerd. In het rapport komt de Commissie tot vijf aanbevelingen voor meer toekomstbestendige regels voor werk.
De Commissie stelt in haar rapport vast dat de huidige regels rondom werk onvoldoende passen bij de wereld van werk anno 2020. Volgens de Commissie ontmoedigen de huidige duurzame arbeidsrelaties en zijn ze erg complex en onduidelijk. De Commissie doet in haar rapport vijf aanbevelingen voor meer toekomstgerichte regels voor werken: 1. Bevordering interne wendbaarheid en afremmen externe flexibiliteit Werkgevers moeten meer ruimte krijgen om functie, arbeidsplaats en werktijd in arbeidsovereenkomsten aan te passen wegens bedrijfseconomische omstandigheden. Verder moet de ontslagbescherming worden aangepast en de verplichtingen voor de werkgever rondom loondoorbetaling bij ziekte worden verkort tot een jaar. Tijdelijk werk moet voortaan echt tijdelijk laten zijn en de kosten van onzekerheid moeten in de prijs daarvan tot uitdrukking komen. 2. Overzichtelijker stelsel van contractvormen Minder contractvormen moeten zorgen voor een overzichtelijk stelsel van regels rond werk. Er komen drie soorten werkenden: werknemers met een contract voor (on)bepaalde tijd; zelfstandigen, en werknemers die op uitzendbasis tijdelijk werk verrichten dat niet is te voorzien naar tijd en omvang. 3. Ontwikkelen en (blijven) leren Elke burger krijgt bij geboorte een individueel leer- en ontwikkelbudget voor het verwerven van noodzakelijke kennis en vaardigheden gedurende de hele loopbaan. Ook moeten alle werkenden gebruik kunnen maken van ondersteuning bij het opdoen van kennis- en vaardigheden gericht op duurzame inzetbaarheid. Loopbaanwinkels bieden voor iedere werkende loopbaanbegeleiding. 4. Fiscaal gelijke behandeling en basisinkomenszekerheid Alle werkenden krijgen een basale bescherming tegen inkomensverlies bij arbeidsongeschiktheid. Verplichte aanvullende verzekeringen voor werknemers blijven bestaan. Een gelijke fiscale behandeling van arbeid voor alle werkenden. Ondernemerschap wordt gestimuleerd. 5. Activerend en inclusief arbeidsmarktbeleid Wederkerigheid betekent dat iedereen zich inspant om aan de slag te komen of te blijven. Indien nodig helpt de overheid daarbij. Wanneer men niet op de reguliere arbeidsmarkt terecht kan, wordt voorzien in aanvullende werkgelegenheid. De aanbevelingen moeten verder uitgewerkt worden. De Commissie bepleit een brede maatschappelijke alliantie om de waarden van werk in de toekomst zeker te (blijven) stellen. Bron: Commissie Regulering van Werk 23-01-2020

Meer omzet Europese webwinkels in Nederland

De omzet van Europese webwinkels is in het derde kwartaal van 2019 et 20% gestegen ten opzichte van het zelfde kwartaal in 2018. De omvang is echter nog altijd bescheiden in vergelijking met de omzet van Nederlandse webwinkels op de Nederlandse markt. Nederlandse webwinkels zagen een omzetstijging van 17,5%.
De omzet van Europese webwinkels bereikte in het tweede kwartaal van 2019 een recordniveau van een half miljard euro (excl. btw). Het gaat bij de omzet van Europese webwinkels om online-aankopen van Nederlandse consumenten bij bedrijven in de Europese Unie die buiten Nederland zijn gevestigd. De omzet van de Europese webwinkels is de afgelopen vijf jaar sterk toegenomen. In het derde kwartaal van 2019 was de omzet 170% hoger dan in het derde kwartaal van 2014. De grootste omzetstijging werd behaald in het vierde kwartaal 2016 (+34,5%), de kleinste in het eerste kwartaal van 2018 (+11,0%). De internetverkopen van in Nederland gevestigde detailhandelaren waren in het derde kwartaal van 2019 17,5% hoger dan in hetzelfde kwartaal een jaar eerder. Bij de Nederlandse internetverkopers kan onderscheid worden gemaakt tussen pure webwinkels en ‘multichannelers’ die zowel via winkels als online verkopen. De omzet van pure webwinkels in Nederland was in het derde kwartaal van 2019 bijna 15% hoger dan een jaar eerder. Bij de Nederlandse multichannelers was de online-omzet bijna 22% hoger. De totale omzet van de detailhandel in Nederland was in het derde kwartaal 3,7% hoger dan een jaar eerder. De aankopen van Nederlanders bij Europese webwinkels vormen een relatief klein deel van de consumptieve bestedingen; in 2018 ging het om nog geen 2% van de totale Nederlandse detailhandelsomzet. Bron: CBS 24-01-2020

Leren en ontwikkelen: SLIM-regeling start 2 maart

Vanaf 2 maart tot en met 31 maart kunnen werkgevers in het mkb een aanvraag voor de subsidieregeling Stimuleringsregeling Leren en ontwikkelen in mkb-ondernemingen (SLIM-regeling). De subsidie van maximaal € 25.000 is bedoeld voor bijvoorbeeld het oprichten van een bedrijfsschool, loopbaanadviezen of het up-to-date houden van vaardigheden van medewerkers.
In het mkb is het minder gebruikelijk dat medewerkers leren en ontwikkelen tijdens hun werkende leven. Werkgevers hebben vaak minder tijd, geld of kennis dan grotere bedrijven om hun medewerkers daarin te begeleiden. Met de SLIM-regeling wil het kabinet leren en ontwikkelen in het mkb stimuleren. Elke mkb-ondernemer kan een subsidieaanvraag indienen tot €25.000. Het geld kan worden ingezet om een leerrijke werkomgeving in een bedrijf te versterken, maar ook om medewerkers tijdens hun werk een (deel van een) mbo-opleiding te laten volgen. De SLIM-regeling vergoedt namelijk de begeleidingskosten van een werkgever in dit derde leerwegtraject. In september wordt een tweede tijdvak geopend. Elk jaar kunnen bedrijven in maart en in september een aanvraag kunnen doen. Ook grotere bedrijven uit de horeca, de landbouw en de recreatiesector kunnen aanspraak maken op subsidie, net als samenwerkingsverbanden van mkb’ers, brancheorganisaties, O&O-fondsen, onderwijsinstellingen of werknemers- en werkgeversverenigingen. Zij kunnen hun aanvraag – bijvoorbeeld om gezamenlijk een bedrijfsschool op te richten – jaarlijks vanaf 1 april tot en met 30 juni indienen. Op de website www.slimwerkgeven.nl is meer informatie beschikbaar over de regeling en de aanvraagprocedure. Bron: Min SZW 20-01-2020

Geen absorptie looninkomsten in winst uit onderneming

Loon uit dienstbetrekking kan onder omstandigheden kwalificeren als winst uit onderneming indien er een nauwe samenhang bestaat tussen de werkzaamheden in dienstbetrekking en de ondernemersactiviteiten. Ook moeten de in dienstbetrekking verrichte werkzaamheden een ondergeschikte plaats innemen.
Een architect genoot winst uit onderneming. In 2015 ging de architect een arbeidsovereenkomst aan met een stichting waar zij in dienst trad als bouwkundig projectleider. In 2015 besteedde zij ruim 1.500 uur aan haar onderneming, waarvan bijna 1.300 uur betrekking had op de werkzaamheden voor de stichting. De inspecteur corrigeerde de aangegeven winst uit onderneming. In geschil bij Hof Arnhem-Leeuwarden is of de vrouw de ontvangen bedragen van de stichting mocht aanmerken als winst uit onderneming. De vrouw gaf aan dat het de bedoeling was om de werkzaamheden voor de stichting als zelfstandige uit te voeren. De stichting ging daar echter niet mee akkoord. Daarom moeten volgens de vrouw de loonopbrengsten worden aangemerkt als te zijn geabsorbeerd door haar onderneming. Het hof geeft aan dat loon ondanks de rangorderegeling mogelijk toch behoort tot de winst uit onderneming. Daarvoor is dan wel vereist dat een nauwe samenhang bestaat tussen de in dienstbetrekking verrichte werkzaamheden en de werkzaamheden verricht als ondernemer. Bovendien moeten de verrichte werkzaamheden in dienstbetrekking in het geheel van de ondernemersactiviteiten een ondergeschikte plaats innemen. Het hof vindt dat de vrouw niet heeft voldaan aan haar stelplicht. Zij heeft geen feiten of omstandigheden aangegeven waaruit blijkt dat tussen de in dienstbetrekking verrichte werkzaamheden en de ondernemersactiviteiten een nauwe samenhang bestaat. Bovendien kan niet worden gezegd dat de in dienstbetrekking verrichte werkzaamheden in het geheel van de ondernemersactiviteiten in 2015 een ondergeschikte plaats hebben ingenomen. De vrouw heeft geen recht op ondernemersaftrek. Bron: Hof Arnhem-Leeuwarden 14-01-2020

eHerkenning niet verplichten

De Belastingdienst verplicht ondernemers per 1 februari om gebruik te maken van e-herkenning voor hun belastingaangifte in plaats van gebruikersnaam en wachtwoord. Veel (kleinere) ondernemers vinden dit bezwaarlijk, onder andere vanwege de jaarlijkse kosten voor deze digitale sleutel. MKB-Nederland en VNO-NCW pleiten daarom voor meer keuze voor de ondernemers.
De ondernemersorganisaties zijn op zich voorstander van een veilig digitaal paspoort om zaken mee te doen met de overheid, en eHerkenning is daar volgens hen een goede en veilige methode voor. Ze zijn het echter niet eens met de verplichting om eHerkenning als enige mogelijkheid voor de belastingaangifte. Ondernemers moeten als alternatief ook op papier aangifte kunnen blijven doen. En ondernemers die DigiD gebruiken voor hun aangifte, zoals eenmanszaken, moeten dat ook kunnen blijven doen, volgens de ondernemersorganisaties. DigiD is namelijk ook veilig. Bovendien is er volgens MKB-Nederland en VNO-NCW geen wettelijke basis om ondernemers te verplichten via eHerkenning aangifte te doen. Daarnaast pleiten de ondernemersorganisaties voor compensatie van de kosten voor eHerkenning. Bron: MKB-Nederland 20-01-2020

© lArcade 2020