De extra verhoging van het minimumloon met 1,2% gaat niet door. BBB, die in de Tweede De extra verhoging van het minimumloon had niet alleen bedrijven en andere werkgevers Vakbond FNV vindt het schandalig dat de BBB in de Eerste Kamer de extra verhoging Bron: NOS 09-04-2024.
Kamer tegenstemde, zal ook in de senaat tegenstemmen, vertelt BBB-senator Eugene Heijnen
tegen de NOS. Ook VVD, CDA, JA21, SGP en FvD stemden in de Tweede Kamer al tegen.
Samen hebben deze partijen 39 van 75 zetels in de Eerste Kamer.
meer geld gekost. Ook de overheid was duurder uit geweest omdat de uitkeringen en
de AOW meestijgen. Van de € 857 miljoen per jaar zou € 517 miljoen naar de verhoging
van de AOW gaan. Ook dat is voor BBB een reden om tegen te stemmen, zegt Heijnen.
van het minimumloon tegenhoudt. ‘De beloftes van meer bestaanszekerheid zoals die
gedaan werden tijdens de verkiezingscampagne, blijken al bij de eerste de beste gelegenheid
niets meer waard’, zegt de vicevoorzitter van de grootste vakbond, Zakaria Boufangacha.
Als een ondernemer zakelijke afspraken noteert in zijn privé-agenda, is zo’n agenda Een man drijft een belastingadvieskantoor in de vorm van een eenmanszaak. Tijdens Ondernemer had privé-agenda’s kunnen bewaren De Hoge Raad gaat ervan uit dat de ondernemer inderdaad niet meer over de privéagenda’s Bron: Hoge Raad 05-04-2024, Hof Den Bosch 12-01-2022 (gepubl. 20-01-2022).
een onderdeel van zijn administratie dat onder de wettelijke bewaarplicht valt.
een bij hem ingesteld boekenonderzoek verklaart hij zakelijke aangelegenheden in zijn
privéagenda te hebben genoteerd. De inspecteur verzoekt de ondernemer daarom zijn
privéagenda’s over 2012 tot en met 2015 over te leggen dan wel ter inzage te verstrekken.
De man heeft hieraan niet voldaan. Hij verklaart niet meer te beschikken over deze
privé-agenda’s. Vervolgens heeft de inspecteur een informatiebeschikking gegeven.
Volgens Hof Den Bosch is dat terecht. Daarop gaat de belastingadviseur in cassatie.
beschikt. Maar net zoals het hof meent de Hoge Raad dat de privéagenda’s gegevensdragers
zijn die behoren tot de administratie van de belastingadviseur. Op grond van de wettelijke
bewaarplicht had de ondernemer die agenda’s daarom zeven jaar moeten bewaren. Verder
volgt uit het dossier dat de man niet in reactie op het verzoek van de inspecteur
heeft aangevoerd dat hij als gevolg van overmacht niet meer beschikt over de privéagenda’s.
Een en ander brengt mee dat de inspecteur de informatiebeschikking terecht heeft gegeven.
Daaraan doet niet af dat de belastingadviseur niet meer beschikt over de agenda’s.
De Hoge Raad verklaart daarom zijn cassatieberoep ongegrond.
Een verklaring waarom de transitievergoeding niet altijd wordt uitbetaald, is nog De minister vindt het een slechte zaak dat er uitzendkrachten zijn die hun transitievergoeding Transitievergoeding opeisen Een minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid kan zich niet in individuele zaken Bron: Min. SZW 03-04-2024.
niet te geven. Minister Van Gennip geeft antwoord op vragen over het bericht ‘Jaarlijks
hebben duizenden flexwerkers recht op ontslagvergoeding, maar ze krijgen die haast
nooit’.
niet betaald hebben gekregen. Werknemers horen gewoon te krijgen waar zij recht op
hebben, dus ook een transitievergoeding als hun dienstverband beëindigd wordt of niet
verlengd wordt. Een verklaring waarom de transitievergoeding niet altijd wordt uitbetaald,
is nog niet te geven. De Wet arbeidsmarkt in balans (WAB) wordt in 2025 geëvalueerd.
De evaluatie zal zich onder meer richting op de vraag hoe de transitievergoeding in
de praktijk uitpakt.
mengen. Het is aan de werknemer om de transitievergoeding op te eisen als de werkgever
niet overgaat tot uitbetaling daarvan. Als de werkgever de transitievergoeding niet
betaalt, moet de werknemer binnen drie maanden na het einde van de arbeidsovereenkomst
die opeisen. Dit is de zogenaamde vervaltermijn. De werknemer kan eerst verzoeken
om tot uitbetaling over te gaan. Doet hij dit niet, dan moet de werknemer binnen drie
maanden na de einddatum van de arbeidsovereenkomst een verzoekschrift indienen bij
de kantonrechter om de transitievergoeding op te eisen. Er is gekozen voor de vervaltermijn
van drie maanden om de periode van onzekerheid over het einde van de arbeidsovereenkomst
en de gevolgen daarvan voor de werkgever en werknemer zo kort mogelijk te houden.
In uitzonderlijke gevallen biedt een beroep op redelijkheid een billijkheid een opening
voor een langere vervaltermijn. De minister vindt het belangrijk om de evaluatie van
de WAB te doen om inzicht te krijgen in de werking van het huidige stelsel. Op basis
van onder meer de uitkomsten van de WAB-evaluatie, zal de afweging worden gemaakt
of er aanleiding is voor een wetswijziging op dit punt.
De kosten van overwerk in de WW-premie gaan per 1 januari 2025 omlaag bij grote vaste Het kabinet heeft vorig jaar met de werkgevers- en werknemersorganisaties afspraken De premiedifferentiatie in de WW houdt in dat werkgevers een lagere premie afdragen De grotere arbeidscontracten waarbij een werknemer gemiddeld 35 uur of meer per week Bron: Min. SZW, 05-04-2024.
contracten. De ministerraad heeft ingestemd met dit voorstel van minister Van Gennip
van Sociale Zaken en Werkgelegenheid. De maatregel draagt bij aan interne wendbaarheid
van en is een lastenverlaging voor bedrijven.
gemaakt die zorgen voor meer zekerheid voor werknemers en meer wendbaarheid voor bedrijven.
Een van de afspraken uit dit arbeidsmarktpakket is een verruiming voor overwerk in
premiedifferentiatie in de WW.
voor vaste contracten en een hogere WW-premie voor flexibele contracten. Om werkgevers
flexibiliteit te bieden, mag een werknemer 30% overwerken naast de uren van het vaste
contract. Als er naast het vaste aantal uren gemiddeld meer dan 30% extra wordt overgewerkt
gaat voor dat hele jaar met terugwerkende kracht het hoge WW-tarief gelden.
werkt zijn van deze regel uitgezonderd. Deze uitzondering wordt nu verruimd naar contracten
met gemiddeld 30 uur per week. Hiermee wordt de interne wendbaarheid van bedrijven
vergroot terwijl werknemers de zekerheid van hun contract houden. De wijziging wordt
geraamd op een lastenverlichting voor werkgevers van € 15,5 miljoen.
Hof Den Bosch oordeelt dat vrije vergoedingen en verstrekkingen van de werkkostenregeling Een lid van de Raad van Bestuur van een onderneming is een vanuit het buitenland geworven Oordeel hof De werkkostenregeling is ingevoerd als vereenvoudiging. Als vrije vergoedingen en Bron: Hof Den Bosch 21-02-2024 (gepubl. 04-04-2024).
niet tot het loonbegrip voor de excessieve vertrekvergoeding behoren.
werknemer. Hiervoor past de werkgever de eindheffing vanwege de 30%-regeling toe.
Per 25 april 2018 is deze werknemer ontslagen. De werkgever past voor deze werknemer
de regeling voor excessieve vertrekvergoeding toe. Naar aanleiding hiervan legt de
Belastingdienst een naheffingsaanslag loonheffingen op. Bij Hof Den Bosch is de hoogte
van de naheffingsaanslag in geschil. De werkgever past voor diverse gerichte vrijstellingen
eindheffing toe, onder meer vanwege de 30%-regeling. Meer specifiek is daarom in geschil
of het bedrag van de toegepaste gerichte vrijstellingen behoren tot het toetsloon
voor de excessieve vertrekvergoeding.
verstrekkingen tot het loonbegrip gaan behoren in het kader van de excessieve vertrekregeling,
is dat in strijd met het doel van vereenvoudiging. Voorts is relevant dat bij invoering
van de pseudo-eindheffing over de vertrekvergoeding de destijds geldende vrijgestelde
vergoedingen en verstrekkingen niet tot het loonbegrip behoorden voor de excessieve
vertrekvergoeding. Als deze wel tot voornoemd loonbegrip hadden moeten behoren, had
het voor de hand gelegen dat de wetgever dit zou hebben geregeld. Voor aandelenopties
is dit bijvoorbeeld wel expliciet geregeld. Het hof is het daarom met de werknemer
eens dat moet worden uitgegaan van een wetshistorische en wetssystematische uitleg
van het loonbegrip. Hieruit volgt dat vrijgestelde vergoedingen en verstrekkingen
niet tot het loonbegrip voor de excessieve vertrekvergoeding behoren.