De rechtbank verlaagt de WOZ-waarde van een woning omdat de gebruikte referentiewoningen Een man is eigenaar van een vrijstaande woning in de gemeente Alphen Chaam. De heffingsambtenaar Referentiewoningen onvoldoende vergelijkbaar De rechtbank kijkt kritisch naar de onderbouwing van de WOZ-waarde. De inspecteur Waarde vastgesteld in goede justitie Omdat ook de man geen nadere berekening heeft overgelegd, stelt de rechtbank de waarde Bron: Rb. Zeeland-West-Brabant, 18-08-2025.
onvoldoende vergelijkbaar zijn. De waarde wordt in goede justitie vastgesteld op € 910.000.
heeft de WOZ-waarde van de woning voor het belastingjaar 2024 vastgesteld op € 944.000
naar waardepeildatum 1 januari 2023. Daartegen maakt de man bezwaar, maar dit wordt
ongegrond verklaard. In beroep handhaaft de inspecteur de waarde, gebaseerd op een
taxatiematrix met twee referentiewoningen. De man stelt dat de waarde te hoog is vastgesteld
en dat de woning niet meer waard is dan € 900.000.
heeft geen duidelijkheid verschaft over de totstandkomingsdata van de koopovereenkomsten
van de referentiewoningen en de wijze van indexatie naar de waardepeildatum. Bovendien
zijn de verschillen in gebruiksoppervlakte en grondoppervlakte met de eigen woning
zo groot, dat de referenties niet als voldoende vergelijkbaar kunnen gelden. Hierdoor
verliest de taxatiematrix haar overtuigingskracht. De rechtbank oordeelt daarom dat
de inspecteur niet aannemelijk heeft gemaakt dat de vastgestelde waarde juist is.
schattenderwijs zelf vast. De woning wordt in goede justitie gewaardeerd op € 910.000.
Dit leidt er tevens toe dat de onroerendezaakbelasting dienovereenkomstig wordt verminderd.
Het beroep is daarmee gegrond.
Een voormalig ambtenaar die als zzp’er jarenlang geen omzetbelasting en inkomstenbelasting Een voormalige ambtenaar van de gemeente Leiden startte eind 2018 een eenmanszaak Ernstige belastingfraude en misbruik van vertrouwen De rechtbank rekent het de man zwaar aan dat hij zich ruim vijf jaar lang bewust niet Bron: Rb.Rotterdam, 04-08-2025.
heeft opgegeven, is door Rechtbank Rotterdam veroordeeld tot 24 maanden gevangenisstraf,
waarvan de helft voorwaardelijk.
nadat hij ontdekte dat hij als zelfstandige meer kon verdienen. Hij liet zich door
diverse gemeenten inhuren voor werkzaamheden rondom bouwvergunningen. Van 2018 tot
2023 gaf hij echter zijn inkomsten uit de onderneming niet op bij de Belastingdienst
en droeg hij de door hem wel ontvangen omzetbelasting niet af. Daarnaast maakte hij
tijdens het lopende onderzoek nog valse urendeclaraties voor gemeenten Wassenaar en
Hilversum, waarbij hij werkzaamheden declareerde op dagen dat hij vastzat op het politiebureau.
Het fiscale nadeel voor de Belastingdienst bedraagt ruim 1.300.000 euro.
aan zijn fiscale verplichtingen heeft gehouden. Zijn handelwijze schaadt volgens de
rechtbank het vertrouwen in het fiscale stelsel en ondermijnt de belastingmoraal.
Ook het vervalsen van prestatieverklaringen om fictieve werkzaamheden bij gemeenten
te kunnen declareren, terwijl hij feitelijk gedetineerd was, ziet de rechtbank als
bewijs dat de man enkel uit winstbejag handelde en misbruik maakte van vertrouwen.
De officier van justitie had 18 maanden cel waarvan 6 maanden voorwaardelijk en daarnaast
een geldboete van € 700.000 geëist. De rechtbank legt echter een zwaardere gevangenisstraf
op van 24 maanden, waarvan 12 maanden voorwaardelijk, maar ziet af van een boete.
Gezien de omvang van de fiscale schulden die de man reeds moet terugbetalen, zou een
geldboete volgens de rechtbank geen toegevoegde waarde hebben.
De Kennisgroep bijzondere winstbepalingen vpb heeft een vraag beantwoord over de toepassing Artikel 8bd Wet Vpb 1969 is een flankerende maatregel die onder meer betrekking heeft Vraag Is artikel 8bd van de Wet Vpb 1969 van toepassing op de verkrijging van een deelneming Antwoord Nee. Een dergelijke regeling dient voor toepassing van artikel 8bd Wet Vpb 1969 op Bron: Belastingdienst.
van artikel 8bd Wet Vpb 1969 op de verkrijging van een deelneming waarop bij de vervreemder
een regeling van toepassing is die materieel hetzelfde uitwerkt als een objectieve
vrijstelling.
op winstuitdelingen in natura. De bepaling heeft tot doel een mismatch weg te nemen
die zich in de vermogenssfeer kan voordoen als gevolg van waarderingsverschillen bij
de teboekstelling van een vermogensbestanddeel. Een belastingplichtige bezit alle
aandelen in buitenlandse dochtervennootschap D. Deze vennootschap is gevestigd in
land A. D houdt op haar beurt alle aandelen in buitenlandse kleindochtervennootschap
KD. Op enig moment keert D de aandelen in KD uit aan belastingplichtige door middel
van een winstuitdeling. Deze winstuitdeling valt onder de deelnemingsvrijstelling.
De waarde in het economische verkeer van het aandelenbelang in KD (90) is hoger dan
de boekwaarde op de fiscale balans van D in land A (70). De voordelen ad 20 die D
behaalt met de vervreemding van KD worden in land A niet belast. Een bijzondere regeling
in de wetgeving van land A schrijft voor dat D de vervreemding in de aangifte verwerkt
tegen de boekwaarde (70), zodat geen voordeel wordt behaald. De ratio hierachter is
dat het vervreemdingsvoordeel toch volledig zou zijn vrijgesteld indien wel gerekend
zou worden met de waarde in het economische verkeer. Het verkregen aandelenbelang
in KD kwalificeert bij de belastingplichtige als deelneming waarop de deelnemingsvrijstelling
van toepassing is.
waarop bij de vervreemder een regeling van toepassing is die materieel hetzelfde uitwerkt
als een objectieve vrijstelling?
gelijke wijze te worden behandeld als een objectieve vrijstelling. Als artikel 8bd
Wet Vpb 1969 wel van toepassing zou zijn, dient belastingplichtige de als dividend
verkregen deelneming op de lagere waarde (de boekwaarde) die in het buitenland in
aanmerking is genomen te boek te stellen in plaats van op de waarde in het economische
verkeer.
Een man die in Zwitserland woont en AOW en pensioen ontvangt uit Nederland, krijgt Een Nederlandse man woont sinds 2008 in Zwitserland en ontvangt AOW- en pensioenuitkeringen Geen discriminatie bij verschillende behandeling Gerechtshof ‘s-Hertogenbosch oordeelt dat er geen sprake is van discriminatie. De Bron: Hof Den Bosch, 02-07-2025.
terecht geen algemene heffingskorting en ouderenkorting toegepast bij de loonheffing.
Volgens het hof is er geen sprake van discriminatie.
uit Nederland. In 2021 heeft hij € 8.996 aan AOW-uitkeringen ontvangen waarop de Sociale
Verzekeringsbank € 850 aan loonbelasting inhield. Daarnaast ontving hij € 14.911 aan
pensioenuitkeringen waarop het pensioenfonds € 1.408 aan loonbelasting inhield. Bij
deze inhoudingen zijn de algemene heffingskorting en de ouderenkorting niet in aanmerking
genomen. De man stelt dat hij hierdoor zwaarder wordt belast dan een ingezetene die
dezelfde inkomsten geniet en dat sprake is van discriminatie. Hij heeft bezwaar gemaakt
tegen de inhouding van loonbelasting, maar de inspecteur heeft dit bezwaar ongegrond
verklaard.
regeling voor heffingskortingen van niet-ingezetenen geldt ongeacht de nationaliteit.
Van directe discriminatie op grond van nationaliteit is daarom geen sprake. Ook van
verkapte discriminatie is geen sprake. Voor discriminatie moeten ingezetenen en niet-ingezetenen
zich in een vergelijkbare situatie bevinden. Dat is alleen het geval als de niet-ingezetene
zijn gehele of nagenoeg gehele wereldinkomen in Nederland verdient of wegens geringe
inkomsten in zijn woonstaat niet wordt belast. Die situaties doen zich hier niet voor.
De algemene heffingskorting en ouderenkorting zijn fiscale voordelen die verband houden
met de persoonlijke en gezinssituatie. Het is aan de woonstaat – Zwitserland – om
daarmee rekening te houden, niet aan Nederland. Het hof verklaart het hoger beroep
ongegrond.
Het ministerie van Financiën is een internetconsultatie gestart over de Fiscale Verzamelwet Belangrijke voorstellen betreffen onder andere: Inkomstenbelasting en betaalbare koopwoningen: Kopers van betaalbare koopwoningen krijgen toegang tot de eigenwoningregeling (dus Pensioen en lijfrente: Bij te late ingang van een pensioen door onbereikbaarheid van de deelnemer worden Opting-in arbeidsverhoudingen: De meldplicht bij de Belastingdienst voor het als dienstbetrekking aanmerken (opting-in) Afschaffing eerstedagsmelding: Het instrument eerstedagsmelding, bedoeld om illegale arbeid te bestrijden, wordt Aanpassing S&O-afdrachtvermindering: Het forfaitaire uurloon voor de fiscale voordeelregeling op speur- en ontwikkelingswerk Schenk- en erfbelasting: Geschonken woningen worden niet langer gewaardeerd tegen WOZ-waarde, maar op basis Motorrijtuigenbelasting: De indeling tussen bestelauto’s en vrachtauto’s wordt aangepast: deze volgt voortaan Vrijstelling oldtimers: Vrijstelling voor oldtimers in de motorrijtuigenbelasting wordt met een jaar vervroegd Daarnaast zijn er onder meer voorstellen voor aanpassingen rond dividendbelasting, Bron: MvF, 18-08-2025.
2027.
hypotheekrenteaftrek). Dit wordt wettelijk vastgelegd en uitgebreid naar tweede en
volgende kopers, mits wordt voldaan aan gereguleerde voorwaarden voor de opbouw van
eigendomsrechten en waardeveranderingen.
onder strikte voorwaarden de zware fiscale sancties beperkt of achterwege gelaten,
mits te goeder trouw en volledig met terugwerkende kracht wordt uitgekeerd.
van arbeidsrelaties vervalt. Voortaan volstaat het bewaren van een verklaring bij
de loonadministratie, wat administratieve lasten beperkt.
volledig afgeschaft. De regeling was praktisch niet meer in gebruik.
(WBSO) wordt vanaf 2027 verhoogd van €29 naar €33, zodat dit beter aansluit bij de
werkelijke loonkosten.
van de actuele waarde in het economische verkeer om ontwijkgedrag en constructies
te voorkomen. Voor woningen uit erfenissen blijft de WOZ-waarde gelden.
de EU-voertuigclassificatie (N1/N2/N3) in plaats van alleen het gewicht, wat dubbele
heffingen en administratieve terugkeuringen voorkomt.
voor voertuigen van vóór 1 januari 1988.
bestuursrechtelijke boetes, productie van hernieuwbare waterstof (binnen de CO2-heffing),
en rechtsbescherming bij decentrale belastingen. Veel wijzigingen zijn technisch van
aard, gericht op uitvoerbaarheid of om aan te sluiten bij EU-regels en jurisprudentie.
De internetconsultatie staat open tot en met 18 september 2025.